Als mijn kunst en mijn leven van krankzinnige toevalligheden aan elkaar hangt, moet dus ook de geschreven tekst die mijn werk zou omschrijven of toelichten ditzelfde karakter evenaren. Anders zou het te bedacht zijn voor een kunstwerk of leven dat ontstaat op een plek die alles behalve bedacht kan zijn.

 

De opbouw

[A] Naakte werkelijkheid 

Zonder kleren, hetgeen wat vast staat
Het oog. Groen, bruin of blauw
Waarnemingen van prikkels en de
chemische inwerking van licht
Heilige fotografie.
Poorten der waarneming
Een pasgeborene
Een open ontvanger

 

[B] Wilde werkelijkheid

Woest, ruw, ongetemd 
Vanuit de directe ervaring, zonder te denken
Het hart. Rood, kloppend 
Expressie, expressief
De schilderkunst
Spel van lijnen en kleuren
De verf, de kleurstof, het pigment
Penseel van varkenshaar
Blinde wil
Dionysisch
Een kind
Een gek

 

[C] Geklede werkelijkheid

Netjes en officieel
Een jas
Vorm voor het vormloze 
De taal
Spraakklanken en tekens
Kenbaar maken van gedachten en gevoelens
Systematische orde 
Doordacht, beheerst 
Apollinisch 
Een geleerde 
Een mens

 

 

 

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A

A + B + C

B + A + C

C + B + A

C + A + B

A + C + B

B + C + A